Contextueel

Antjie Krog is een Zuid-Afrikaanse dichter die als journalist verslag deed van de zittingen van de Waarheids- en Verzoeningscommissie. Zij schreef het boek ‘The country of my skull,’ dat vertaald door Robert Dorsman en Ed van Eeden in Nederland uitkwam als ‘De kleur van je hart (Mets en Schilt, 2000).
Daarin staat dit fragment (blz.182):

“Chief Anderson Joyi noemt zijn geslachtsregister op, en bij elk van de negentien voorouders slaat hij met zijn knobkierie op de grond de maat:
Koning Thembu gewon Bomoyi;
en Bomoyi gewon Ceduma;
en Ceduma gewon Mngutu;
en Ndande gewon Nxego;
en Nxego gewon Dlomo;
en Dlomo gewon Hala;
en Hala gewon Madiba;
en Madiba gewon Thato;
en Thato gewon Zondwa;
en Zondwa gewon Ndaba;
en Ndaba gewon Ngubenuca;
en Ngubenuca gewon Mtikara;
(dit is het huis waar Matanzima vandaan komt, het rechterhuis);
en Mtikara gewon gewon Gangeliswe;
en Gangeliswe gewon Dalindyebo;
en Dalindayebo gewon Jongeliswe;
en Jongeliswe gewon Sabata;
en Sabata gewon Buyelekaya;
bij hem begint mijn leven.

De Xhosa-tolken komen uit hun cabines. ‘Tsjonge, dat was nog eens Xhosa, dat kwam van heel ver weg. We moesten de taal van de King James-bijbel gebruiken om goed weer te geven hoe de man sprak.’
‘Waarom begint u uw getuigenverklaring met uw geslachstregister?’ vraag ik hem als hij klaar is.
‘De namen van de voorouders geven het voorbijgaan van de tijd weer,’ legt hij me via de tolk uit. ‘Hun namen geven mijn verhalen een schaduw. Hun namen geven perspectief aan wat me gebeurd is. Hun namen zeggen dat wij het vermogen hebben om het verleden te doorstaan … en ook het heden.’

____________________________________________________________

 

Dank,                                                             een gedicht Elisabeth Eybers

In ‘n verkeerde luim sou ek sê verwyt,
maar goed, Vader en Moeder, ek dánk julle nou
vir alles wat ek op rym en maat kon kwyt-
raak en versaak en sódoende behou.

Vader, jou knaende kieskeurigheid,
jou skoon, skerp woordeskat uit die Karoo,
jou teer geloof, jou ontoeganklikheid
vir alles wat nie strook met wat jy glo.

Moeder, jou moeite om jou aan te pas,
‘n Engelse verlede af te sweer:
by boere en delwers ‘n vername gas
wat nooit die dubbele negatief kon leer.

Iets van julle vreemdheid het my aangekleef
ook toe ek my as vlugteling omgeklee’t.
Dis júlle toedoen dat ek altyd leef
tussen twee vure en nie van beter weet.

 

____________________________________________________________